Van bereikbaarheid naar fietsbaarheid: een nieuwe lens op de mobiliteitstransitie

Partnernieuws – Argaleo

De bereikbaarheid van werk, voorzieningen en onderwijs staat in Nederland onder druk. Verstedelijking, woningbouw en de mobiliteitstransitie vragen om scherpere keuzes in de inrichting van ruimte en mobiliteit. Op korte en middellange afstanden spelen lopen, fietsen en e-fietsen daarin een sleutelrol. Toch maken huidige bereikbaarheidsanalyses onvoldoende onderscheid tussen modaliteiten, motieven en doelgroepen. Die blinde vlek wordt nu ingevuld door de loop-, fiets- en e-bike-baarheidsscores die Dutch Cycling Intelligence in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat heeft ontwikkeld. Het werk bouwt voort op de eerdere studie van Tour de Force, stichting Natuur en Milieu en Argaleo naar fietsbereikbaarheid van dagelijkse voorzieningen en werk.

Van bereikbaarheid naar fietsbaarheid

Bereikbaarheid kijkt traditioneel naar de vraag of een bestemming binnen een bepaalde reistijd te bereiken is. Fietsbaarheid gaat een stap verder. Het combineert vier samenhangende componenten: bereikbaarheid via het netwerk, de bereidheid van mensen om daadwerkelijk te fietsen, de potentie voor groei en het feitelijke gedrag. Daarmee verschuift het perspectief van het beschrijven van de huidige situatie naar het identificeren van kansrijke beleidsinterventies.

Lopen, fiets en e-bike apart in beeld

Een belangrijke vernieuwing is het expliciete onderscheid tussen lopen, de reguliere fiets en de e-bike. De reguliere fiets is dominant tot ongeveer 7,5 kilometer; de e-bike speelt juist op middellange afstanden tot 20 kilometer een groeiende rol, met name in het woon-werkverkeer. In veel bestaande indicatoren wordt dit onderscheid niet gemaakt, waardoor bereikbaarheid op middellange afstanden structureel wordt onderschat. Door beide modaliteiten apart te bekijken, wordt zichtbaar waar de e-bike autoritten realistisch kan vervangen en zo het hoofd- en onderliggend wegennet kan ontlasten.

Reistijdvervalcurven in plaats van harde grenzen

In plaats van een vaste afstands- of reistijdgrens werkt de methodiek met reistijdvervalcurven. Die laten zien hoe de bereidheid om te fietsen geleidelijk afneemt naarmate de reistijd oploopt. Zo blijkt dat de helft van de Nederlanders niet bereid is om langer dan 20 minuten met de e-bike naar het werk te fietsen, en 80% niet langer dan circa 30 minuten. Deze nuance maakt zichtbaar waar relatief kleine ingrepen in directheid, comfort of reistijd grote effecten kunnen hebben op het feitelijke gebruik.

Van inzicht naar handelingsperspectief

De scores worden berekend op buurtniveau en zijn schaalbaar tot wijk-, gemeente-, regio- en landelijk niveau. Door de uitkomsten te koppelen aan sociaaleconomische kenmerken wordt zichtbaar voor hoeveel mensen, en welke doelgroepen, de fiets of e-bike een realistisch alternatief vormt. Senioren in landelijke kernen, scholieren in groeigebieden of forenzen op een specifiek bedrijventerrein: de analyse maakt verschillen tussen doelgroepen en gebieden direct hanteerbaar voor beleid.

Brug tussen overheid en werkgever

Voor bedrijventerreinen en de werkgeversaanpak is dit bijzonder waardevol. Niet elk bedrijventerrein is in gelijke mate kansrijk voor fietsstimulering. Door fietsbaarheid expliciet te koppelen aan werknemersaantallen en woonlocaties ontstaat een onderbouwde basis voor mobiliteitsmaatregelen, infrastructuurkeuzes en publiek-private samenwerking. Daarmee verschuift het gesprek over de mobiliteitstransitie van normering naar wederzijds voordeel: bereikbaarheid voor mensen, vitaliteit voor werknemers en aantrekkelijkheid voor werkgevers.

Fietsbaarheid als gemeenschappelijke taal

Fietsbaarheid is daarmee meer dan een nieuwe indicator. Het is een gemeenschappelijke taal voor de dialoog tussen rijk, regio’s, gemeenten en bedrijven over de bereikbaarheid van Nederland en een instrument dat actieve mobiliteit eindelijk de plaats geeft die het in het bereikbaarheidsbeleid verdient.

morenews

Habtamu de Hoop op Nationaal Congres Mobiliteit: infra-opgave vraagt om fors meer geld en veel meer lef

De politiek is al jaren geleden gewaarschuwd voor de grote problemen rondom onze infrastructuur, maar heeft daar veel te weinig mee gedaan. Daarom is het nu tijd om lef te tonen en nieuwe fondsen te creëren buiten de huidige begroting van het Mobiliteitsfonds. Dit zei Tweede Kamerlid Habtamu de Hoop (PRO/GroenLinks-PvdA) gisteren tijdens het Nationaal… Lees verder ›

Vertrouwen Opbouwen in AI: Hoe FLIR Verkeersoplossingen Voldoen aan de EU AI Act

Partnernieuws – FLIR Dit artikel is vertaald vanuit het Engels. Naarmate kunstmatige intelligentie een steeds centralere rol speelt binnen moderne infrastructuren, zijn veiligheid, transparantie en verantwoordelijkheid belangrijker dan ooit geworden. In 2025 voert de Europese Unie ’s werelds eerste uitgebreide wetgeving rond AI in: de EU Artificial Intelligence Act. Deze baanbrekende regelgeving stelt de norm… Lees verder ›

Vision Zero, ISA en V2X

Partnernieuws – EIT Vision Zero vraagt om een fundamenteel andere benadering van verkeersveiligheid. Niet alleen de kwetsbaarheid van fietsers en voetgangers moet centraal staan, maar vooral het verminderen van het gevaar dat ontstaat door snelheid, massa en technologie. De vraag is dus niet alleen hoe we vulnerable road users beter beschermen, maar vooral hoe we… Lees verder ›